La Dolce Vita

 

Smaken verschillen, maar kwaliteit en originaliteit in het menu van een restaurant, daar is niemand op tegen, lijkt mij. Als dan ook de ambiance en de bediening uitermate aangenaam zijn, kan het voor mij niet meer stuk. Zoals vandaag, ver weg van mijn huis, in Las Palmas , Gran Canaria.

Op mijn ontdekkingstocht in het oude stadsgedeelte van de hoofdstad van Gran Canaria loop ik achter langs de immens grote Kathedraal. Het is half twee ’s middags. Siestatijd, maar wel eerst lunchen. Op het pleintje zijn alle tafeltjes bezet. Ik ga een stil, heel smal straatje in, op zoek naar een vrije stoel. Ik heb geen trek in een hamburger bij Zum Onkel Willi’s, dus ik wil in deze oude wijk eten. Aan het einde van het steegje is een t-splitsing. Daar zie ik twee houten tafeltjes staan met ieder twee stoelen erbij. Schoolbord op straat. La Dolce Vita heet het restaurantje. De stoelen zijn vrij. Binnen vraag ik, of buiten eten mogelijk is. Voor ik het in de gaten heb, zit ik aan een gedekte tafel met een kan water en een mandje brood met een fles Siciliaanse olijfolie ernaast te staren naar de menukaart. Van de eigenaresse krijg ik nog een mondelinge aanvulling. Ze noemt de dagspecials op. De kaart gaat dicht. Say no more. Ik ga voor de dagschotels. Karafje witte huiswijn erbij en genieten maar. Gerecht 1 komt na tien minuten. Het is een knapperige groen/rode salade met appel en vlokken Parmezaanse kaas. Dat lijkt simpel en dat is het ook. Maar door de intense samensmelting van  zoet, zuur en zout in combinatie met het verrukkelijke zelfgebakken brood is de smaaksensatie hemels. Ik verheug me  op gerecht twee en zit al vooruit te denken aan een nagerecht. Bijzonder voor mij, want ik bestel zelden een toetje. Het hoofdgerecht is een pastaschotel: Tortelli gevuld met kastanjes, overgoten met een roomsausje en snippers bacon. Een paar rozijnen en pijnboompitten zorgen voor de bite in dit ensemble.  Het is goddelijk lekker. En precies genoeg. Ik heb een hekel aan overvol geladen borden, waarbij ik me schuldig voel over het wereldvoedselprobleem, als ik niet alles opeet. Als de serveerster vraagt, of ik nog iets na wens, zeg ik ja. Ze noemt op wat mijn opties zijn. Ik heb keuzestress. Zeg nou zelf: millefeuille gevuld met crème fraiche en verse aardbeien of zelfgemaakte crème karamel. En dan heb ik al zes opties geëlimineerd.  Het wordt de crème karamel. Daarna komt er nog een espresso met een limoncello van het huis. Ik wil betalen met een tarjeta en daarvoor moet ik naar binnen. Een half uur later kom ik pas naar buiten. Niet omdat de kassa zo traag werkt, maar omdat Rosanne, zo heet de eigenaresse, me wil vertellen over haar winkeltje, wat ze ook nog heeft in het midden van het ieniemienie restaurantje. Daar verkoopt ze pasta’s,  olijfolie en panettones. Het is jammer, dat ik met het vliegtuig naar huis moet en dus een limiet heb aan bagageruimte. Ik mag echter niet weg zonder attentie, dus komt er uit een kast een mand met zelfgebreide mutsen en sjaals. Ik mag kiezen. Ik neem een dikke bruine muts, want ik woon tenslotte vooralsnog in Nederland. Ze geeft me de bijpassende sjaal ook nog mee. En een knuffel…….