1. mei, 2016

Schuldig

Drie dagen geleden was het de laatste donderdag van de maand april. Wereldnieuws? Nee. Voor mij wel het signaal om mijn pen en schrijfboekje te pakken en naar de kroeg te vertrekken. Meestal is dat “Het Hijgend Hert” in Breda. Vroeger, toen ik nog op de middelbare school zat, was dat de crashplek voor de tussenuren, voor zowel leerlingen als docenten. Inmiddels kom ik er elke maand voor een creatieve leerzame en gezellige middag. Elke laatste donderdag van de maand wordt daar het Schrijfcafé gehouden, begeleid door twee professionele schrijfsters, Karen Meijs en Monique Smit. Een gemêleerd gezelschap mannen en vrouwen van alle leeftijden schrijft daar aan de hand van een stappenplan of inspiratiekaarten de meest briljante, grappige en ontroerende stukken proza en poëzie. We lezen ons eigen werk aan elkaar voor, als we willen. Niks moet, alles mag. Er is geen goed en geen fout. De club bestaat meestal uit zo’n 10 tot 12 personen, de jongste 25 jaar, de oudste dik 80. Er is een vaste kern, waar ik bij hoor, en gasten, die zomaar een keer, of af en toe komen. Daar heb ik leren schrijven, gewoon uit mezelf, met en zonder tijdsdruk en deadlines. De eerste keer, dat ik erbij was, was er een wedstrijd columns schrijven. Laat ik die nou winnen. Toen was ik verkocht. Iedereen vindt het leuk om te winnen en als dat dan gebeurt, krijg je een boost, een duwtje in een richting, die ik nu dus als de goede richting heb herkend en erkend. Inmiddels hebben sprintjes, sprookjes, elfjes, archetypes, rondelen en rondeau’s, Haiku’s , mindfulness en rumineren geen geheimen meer voor mij . Ik krijg geen jeuk meer van poëzie, nu ik door heb, dat het niet altijd hoeft te rijmen. Ik produceer wekelijks een column voor Ons Blad in mijn home-dorp en ik ben nu dus aan dit website-avontuur begonnen. Ik ben gewoon een schrijfster geworden. De schuld van het Schrijfcafé. Yes……